Advies over bestuurdersaansprakelijkheid

Voor een vaste, scherpe prijs

Met een vrijblijvend adviesgesprek met onze expert, kom je er direct achter of bestuurdersaansprakelijkheid voor jou een belangrijk punt van aandacht is. We kunnen je direct koppelen aan een ervaren specialist die je alles kan vertellen over bestuurdersaansprakelijkheid en waar jij in jouw situatie op moet letten. Alles voor een vaste scherpe prijs.

De voordelen van Blended Law

  • Voorkom onnodige fouten
  • Vrijblijvende intake met onze advocaat
  • Advies over je persoonlijke risico’s
  • Binnen 24 uur spoed overleg met een advocaat

Laat je direct adviseren

Wij helpen je graag bij al je vragen rondom de bestuurdersaansprakelijkheid

Wat houdt dit adviestraject precies in?

Bij dit adviestraject inventariseren onze specialisten de risico’s in verband met bestuurdersaansprakelijkheid.

Onze specialisten beantwoorden al jouw vragen over bestuurdersaansprakelijkheid. Ook zullen zij een inventarisatie maken van eventuele overige risico’s daaromtrent. Uiteraard opgevolgd door een advies over de concreet te nemen stappen. Zo weet je zeker dat je alles doet om problemen rondom bestuurdersaansprakelijkheid te voorkomen of beperken.

Hoe werkt het?

  1. Vul hierboven het formulier in voor een vrijblijvend gesprek met onze ervaren jurist
  2. Samen bepalen wij wat de beste stappen voor jou zouden zijn
  3. We brengen je direct in contact met de meeste geschikte advocaat
Meer informatie
Vanaf 500,-
Levertijd Binnen 24 uur
Online leverbaar Compleet online
Doelgroep Zakelijk
Talen Nederlands
Ervaring 15+ jaar
blended.law scoort 4.9 Ster - Google reviews

De specialisten

Robbert Vriezen
Advocaat
insolventie- en ondernemingsrecht 15+ jaar ervaring
Bart Smink
Advocaat
Insolventierecht 10+ jaar ervaring
Leonard Bijlsma
Advocaat
Advocaat, Curator en AVG-specialist 10+ jaar ervaring
Irene Muller
Ik heb heel fijn samengewerkt met blended.law en de specialist. Het was snel, klantvriendelijk en blended.law was duidelijk over de stappen en doelstelling en prijs! Volgende keer ga ik zeker weer naar blended. - Irene Muller
Maarten Smits
Blended.Law heeft ons snel en zonder veel moeite aan een goede en betaalbare notaris geholpen. De afwikkeling was snel en eenvoudig via hun portal. Zeer aan te raden aan iedereen die enig juridisch advies nodig heeft. - Maarten Smits
Jeroen van Hasselt
Blended.law is enorm meedenkend en toegankelijk voor ondernemers. Ik ben persoonlijk, snel en naar tevredenheid geholpen. Er is altijd overleg mogelijk over zaken die je zelf kan oppakken en ze zijn flexibel in wat je wilt uitbesteden. De missie van blended.law is geweldig. Precies de innovatie die de advocatenwereld nodig heeft! - Jeroen van Hasselt

Wie is er aansprakelijk bij een faillissement?

Binnen het Nederlandse rechtsstelsel geldt de hoofdregel dat de bestuurder van een rechtspersoon niet persoonlijk aansprakelijk is voor de schulden van die rechtspersoon. Niet voor niets heet het een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. Van deze hoofdregel kan echter worden afgeweken, waardoor deze beperking van aansprakelijkheid kan wegvallen. In dat geval is de bestuurder wél aansprakelijk voor schulden van de rechtspersoon en dat kan grote gevolgen hebben.

Hoewel in Nederland nog altijd de besloten vennootschap (BV) als populairste rechtsvorm wordt gezien, vind je in dit artikel ook uitleg over de bestuursaansprakelijkheid bij andere rechtsvormen, zoals de naamloze vennootschap (NV). Ook bij stichtingen en verenigingen kan er sprake zijn van bestuurdersaansprakelijkheid.

Gratis vrijblijvend advies

Wat is bestuurdersaansprakelijkheid? Eerst een kort overzicht

Een bestuurder kan aansprakelijk zijn als er sprake is van zogenaamd ‘onbehoorlijk bestuur’. daarbij moet de bestuurder een ernstig persoonlijk verwijt te maken zijn..  Met persoonlijk wordt dan natuurlijk niet bedoeld dat iemand een onaardig persoon is, maar dan iemand zelf iets heeft gedaan of nagelaten dat hem of haar te verwijten is.

Als we het hebben over bestuurdersaansprakelijkheid voor ondernemers, gelden er een aantal belangrijke wettelijke bepalingen. Vanaf 1 juli 2021 geldt bovendien de Wet bestuur en toezicht voor rechtspersonen (WBTR) waardoor voor bestuurders van stichtingen, coöperaties en verenigingen vergelijkbare regels gelden.

We lichten de verschillende vormen van bestuurdersaansprakelijkheid en de relevante wettelijke bepalingen en jurisprudentie hier onder toe.


Artikel 2:9 BW

Interne bestuurdersaansprakelijkheid bestuur tegenover rechtspersoon.

Artikel 2:11 BW

Een natuurlijk persoon kan bestuursaansprakelijkheid niet ontduiken: ook de bestuurder van een bestuurder is aansprakelijk.
“De aansprakelijkheid van een rechtspersoon als bestuurder van een andere rechtspersoon rust tevens hoofdelijk op ieder die ten tijde van het ontstaan van de aansprakelijkheid van de rechtspersoon daarvan bestuurder is.”

Artikel 2:138 en 2:248 BW

Kennelijk onbehoorlijk bestuur in geval van faillissement, wat ook een belangrijke oorzaak van het faillissement moet zijn.

Artikel 6:162 BW

Invulling onrechtmatige daad. Bestuurdersaansprakelijkheid wordt veel ingevuld door deze algemene onrechtmatige daad bepaling.


Interne aansprakelijkheid bestuurder

Van interne bestuurdersaansprakelijkheid is sprake als de bestuurder tegenover de rechtspersoon aansprakelijk is. Deze interne aansprakelijkheid ziet op situaties dat de bestuurder door de vennootschap zelf aansprakelijk kan worden gesteld.

De wettelijke grondslag is dan artikel 2:9 BW waarin staat:
Elke bestuurder is tegenover de rechtspersoon gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak.

Een bestuurder kan door de rechtspersoon aangesproken worden op een onbehoorlijke taakvervulling. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren nadat een bestuurder is ontslagen door de aandeelhouders en er een nieuwe bestuurder is benoemd. Is de rechtspersoon failliet verklaard, dan kan de curator namens de rechtspersoon op basis van dit artikel een bestuurder aansprakelijk stellen vanwege een onbehoorlijke taakvervulling.

Gratis vrijblijvend advies

Externe aansprakelijkheid bestuurder

Van externe bestuurdersaansprakelijkheid is sprake als de bestuurder tegenover anderen persoonlijk aansprakelijk is. Bij externe aansprakelijkheid van de bestuurder moet kunnen worden bewezen dat sprake is van ernstige verwijtbaarheid van de bestuurder.

Van externe bestuurdersaansprakelijkheid kan bijvoorbeeld sprake zijn als deze bestuurder namens de vennootschap verplichtingen is aangegaan terwijl hij wist of redelijkerwijs behoorde te weten dat de vennootschap deze verplichtingen niet zou kunnen nakomen en dat de schuldeiser zijn schade ook niet meer op de vennootschap zou kunnen verhalen. Dit wordt ook wel de Beklamel-norm genoemd.

Denk bijvoorbeeld aan het kopen van een dure bedrijfsauto op afkoop. Als een bestuurder zo’n aanschaf doet, terwijl hij weet dat het bedrijf dat helemaal niet meer kan betalen, dan kan het zijn dat de bestuurder persoonlijk aansprakelijk is jegens de verkoper.

Hetzelfde geldt voor ander handelen door de bestuurder waarvan de bestuurder wist of redelijkerwijs behoorde te weten dat dat tot gevolg zou hebben dat de vennootschap zijn verplichtingen niet meer zou kunnen nakomen en dat schuldeisers hun schade ook niet meer op de vennootschap zouden kunnen verhalen.

Denk voor dat soort gevallen bijvoorbeeld aan het om voor veel te weinig geld overdragen van waardevolle bedrijfsonderdelen. Als een bedrijf veel schulden heeft en de bestuurder besluit om voor een prikkie alle bedrijfsonderdelen te verkopen, wetende dat het bedrijf daarna nooit meer zijn schulden zou kunnen betalen, kan die bestuurder in gevallen persoonlijk aansprakelijk worden gehouden.

Andere gevallen van bestuurdersaansprakelijkheid kunnen ontstaan bij betalingsonwil (zonder goede reden weigeren te betalen), selectieve betaling (een gelieerde schuldeiser wel betalen, maar anderen niet), of in geval van zogenaamd ‘paulianeus’ handelen.

Van paulianeus handelen is sprake als iets ver onder de waarde wordt verkocht. Bijvoorbeeld en bedrijfsauto die € 50.000 waard is, wordt voor € 5.000 verkocht aan een goede bekende van de bestuurder. Dit verkoop kan soms worden vernietigd (teruggedraaid), maar het kan ook leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid.

Gratis vrijblijvend advies

Bestuurdersaansprakelijkheid in geval van faillissement

Als een rechtspersoon failliet gaat, raakt dat in beginsel het privé vermogen van de bestuurders of aandeelhouders niet. Dat kan anders zijn als er sprake is van wanbeleid en je kennelijk onbehoorlijk bestuur kan worden verweten.

Dan kan een faillissement van je bedrijf alsnog zeer verstrekkende gevolgen voor je hebben. In het ergste geval, kan je dan door de curator aansprakelijk worden gehouden voor het volledige tekort in het faillissement.

In artikel 2:248 BW (voor besloten vennootschappen) en artikel 2:138 BW (voor naamloze vennootschappen) staat dat als het bestuur haar taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld, iedere bestuurder hoofdelijk aansprakelijk is voor het tekort in het faillissement.

De begrippen wanbeleid en kennelijk onbehoorlijk bestuur zijn in de rechtspraak nader ingevuld.

Volgens  de Hoge Raad is er sprake van kennelijk onbehoorlijk bestuur als het handelen of nalaten dat door een redelijk denkend bestuurder onder dezelfde omstandigheden niet zou zijn gedaan.

Kennelijk onbehoorlijk bestuur is al hetgeen een redelijk denkend bestuurder niet zou doen

zo overwoog de hoge Raad in 1996 in één van de standaardarresten.

Met wanbeleid wordt wel bedoeld handelen in strijd met elementaire beginselen van verantwoord ondernemerschap. Er hoeft geen sprake te zijn van structureel wanbeleid, ook een ernstig incidenteel geval kan wanbeleid opleveren.

Of er sprake is van wanbeleid of kennelijk onbehoorlijk bestuur is afhankelijk van alle feiten en omstandigheden van het geval. Het is uiteindelijk aan de rechter om dat te beoordelen.

Vaak gaat het om gevallen waarin de rechter vindt dat het bestuur roekeloos of onbezonnen was, ‘verwijtbaar nalatig’ of ‘ernstig onbekwaam’ en handelingen heeft verricht die geen redelijk bestuurder in een vergelijkbare situatie zou hebben verricht. Niet zelden gaat dat om een samenloop van zaken die ook kunnen leiden tot interne of externe aansprakelijkheid, zoals het aangaan van verplichtingen die de onderneming niet na kan komen, het wegsluizen van geld of waardevolle bedrijfsonderdelen, tegenstrijdige belangen, selectieve betalingen etc.

Ook als een ondernemer tegen beter weten in, koste wat kost, blijft doorgaan met zijn onderneming, terwijl die verlieslatend is en de schulden alleen maar toenemen, kan leiden tot het oordeel dat er sprake is van wanbeleid.

Gratis vrijblijvend advies

Jaarrekeningen en administratie

Een fout die (te) veel gemaakt wordt en waar aan grote consequenties verbonden kunnen zijn, is het niet voeren van een goede administratie of het te laat deponeren van de jaarrekeningen.

In artikel 2:10 BW staat dat het bestuur verplicht is een deugdelijke boekhouding te voeren. Een onderneming is ook verplichting om ieder jaar een jaarrekening vast te stellen en op tijd openbaar te maken via deponering bij de Kamer van Koophandel (artikel 2:394 BW).

Als het bestuur van een BV géén deugdelijke administratie heeft gevoerd, of de jaarrekeningen te laat heeft gedeponeerd, dan staat volgens artikel 2:48 BW (en artikel 2:238 voor de NV) het onbehoorlijk bestuur bij voorbaat vast.

Dat onbehoorlijk bestuur wordt meteen ook vermoedt een belangrijke oorzaak van het faillissement te zijn. Bestuurders zijn dan in principe hoofdelijk aansprakelijk voor het volledige faillissementstekort en kunnen die persoonlijke aansprakelijkheid dan alleen nog voorkomen als ze kunnen bewijzen dat hun wanbeleid niet een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement.

Door dit wettelijke bewijsvermoeden, geldt er dus een omkering van de bewijslast. Als ondernemer en bestuurder moet je altijd proberen te voorkomen dat je in die positie terechtkomt.

Met deze artikelen heeft de curator dus een heel zwaar middel om op te treden tegen bestuurders die een onderneming door wanbeleid failliet hebben laten gaan. De vordering kan alleen worden ingesteld wegens wanbeleid in de drie jaren voorafgaand aan het faillissement.

Hoofdelijke aansprakelijkheid

Als uitgangspunt geldt hoofdelijke aansprakelijkheid. Artikel 2:9 BW bepaalt dat iedere bestuurder tegenover de rechtspersoon gehouden is tot een behoorlijke taakvervulling.

Het bestuur is collectief verantwoordelijk voor het uitoefenen van bestuurstaken. Het handelen van één bestuurder heeft daarom tot gevolg dat het hele bestuur gebonden wordt.

Volgens artikel 2:9 BW is iedere bestuurder voor het geheel aansprakelijk is voor de algemene gang van zaken, tenzij hem mede gelet op de aan andere toebedeelde taken geen ernstig verwijt kan worden gemaakt.

Gratis vrijblijvend advies
Kun je onder aansprakelijkheid uitkomen?

Ja, er is een manier om als bestuurder te voorkomen dat je aansprakelijk wordt gehouden voor het wanbeleid van een medebestuurder. Dit wordt disculperen genoemd.

Om je succesvol te kunnen disculperen moet je kunnen aantonen dat jou géén ernstig verwijt te maken valt. Je moet dan kunnen aantonen dat je niet van het onbehoorlijk handelen op de hoogte was, er niet bij betrokken was en dat je, zodra je ervan op de hoogte was, er alles aan hebt gedaan om de gevolgen van het onbehoorlijke bestuur af te wenden.

Zaken op z’n beloop laten of wegkijken leidt onherroepelijk tot mede (hoofdelijke) aansprakelijkheid.

Stichtingen, verenigingen en coöperaties.

Sinds de invoering van de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR) op 1 juli 2021 zijn de bepalingen van artikel 2:138 / 2:248 BW overeenkomstig van toepassing verklaard voor het bestuur van verenigingen, stichtingen en coöperaties waarmee een onderneming wordt gedreven.

Ook voor bestuursleden van een onderneming die is ondergebracht vereniging, stichting of coöperatie, geldt dus dat een deugdelijk administratie moet worden gevoerd en tijdig jaarrekeningen moeten worden gedeponeerd, op straffe van bestuurdersaansprakelijkheid in geval van faillissement.

Bestuurdersaansprakelijkheid voorkomen?

Bestuursaansprakelijkheid kan grote gevolgen hebben. Als bestuurder ben je verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de onderneming. Dat is een grote verantwoordelijkheid waar risico’s aan zitten. Wanbeleid en onbehoorlijk bestuur kunnen leiden tot persoonlijke aansprakelijkheid en in het ergste geval zelfs tot een persoonlijk faillissement.

Dat wil je als ondernemer koste wat het kost voorkomen. Ben je bestuurder of schuldeiser en heb je naar aanleiding van dit artikel vragen? Neem contact met ons op om juridisch advies in te winnen.

Gratis vrijblijvend advies